Self made in Made

Mijn vader had een rietdekkersbedrijf in Made. Ik vond het een mooi vak en ben ook het riet in gegaan. Al snel ontdekte ik dat als ik bij een boerderij of huis aan het werk was, er vaak ook nieuwe stalen stalramen of eikenhouten steunbalken nodig waren, maar dan wel in de oorspronkelijke stijl. Om dergelijke elementen te kunnen maken, trok ik vakmensen aan en zo breidde ik door de jaren heen mijn bedrijf uit.

Door die groei kreeg ik behoefte om te laten zien wat wij allemaal in huis hadden. We maakten tuinhuizen, ateliers tot uiteenlopende houten constructies en grote stalen deuren met stoeltjesprofielen. Dus liet ik de loods ombouwen tot showroom. Omdat ik de werkplaats op deze locatie wilde houden, ontwierp ik een nieuw gebouw, geïnspireerd op werkplaatsen uit het industriële tijdperk.

Voor de bouw maakten we gebruik van historische bouwmaterialen zoals oude bakstenen. Voor zover mogelijk hebben we alles zelf gemaakt; van de stalen dakspanten en orangeriedeuren tot de gietijzeren waterafvoerbuizen, deurknoppen, schakelaars en fittingen met een industriële uitstraling.

Leo buiten de werkplaats

De werkplaats is lekker licht. Hij zou zo maar rond 1900 gebouwd kunnen zijn, ieder detail klopt. Er staat zelfs een enorme houtkachel midden in de ruimte. We hebben weliswaar vloerverwarming, maar een houtvuur zorgt voor extra sfeer en warmte in de winter. Elke keer als ik door de werkplaats loop, krijg ik goeie zin. Ik vind het belangrijk om op een fijne plek te werken. Dat geldt niet alleen voor mijzelf, maar zeker ook voor onze medewerkers. Van leuk werk, komt goed werk!

Het werk zelf is belangrijker dan de opdracht

De fabricage van staalwerk is een prachtig ambachtelijk proces. Het maakt inmiddels een groot deel van onze werkzaamheden uit. Naast grote projecten, onder andere voor de horeca, doen we veel voor particulieren. Ik heb echt iets met wonen en vormgeving, dus elke keer weer vind ik het geweldig leuk om bij mensen thuis te komen en iets moois voor ze te creëeren. Zoals een wand van stalen profielen met glas waarin deuren zijn geplaatst. Zo kun je op een esthetische manier een grote woonkamer verdelen in twee ruimtes zonder het doorzicht te beperken.

Ter plekke kijk ik wat mogelijk is en in overleg met de bewoners maak ik een ontwerp dat past bij het huis. Dat is een kwestie van verhoudingen. Wil je dat de ruimte breder lijkt? Of juist hoger? Is het een doorzonwoning of een villa? Is het interieur klassiek, modern of landelijk? Wat vinden de bewoners zelf mooi? Het zijn allemaal aspecten die meespelen bij het uiteindelijke ontwerp.

Heb ik in beeld wat het moet worden, dan maakt een kunstenaar pentekeningen als artist-impressions. In elke fase proef je aandacht en ambacht. Nadat alles is ingemeten, tot in detail is uitgedacht en doorgesproken met onze vakmensen, gaan zijn in de werkplaats aan de slag. Slijpen, lassen, boren, verouderen, schuren en polijsten: elk item wordt op ambachtelijke wijze vervaardigd. Zo hebben we bijvoorbeeld een smederij met een aambeeld waarop specifieke vormen in het staal geslagen kunnen worden.

We produceren niets vooruit; alles wat we hier doen, is maatwerk. De mensen die hier werken, hebben net als ik een passie voor hun vak. Ik zeg altijd dat het werk zelf belangrijker is dan de opdracht. Met andere woorden: ik sta achter alles wat we maken. Want ik wil dat het eindproduct altijd fraai is, dat het klopt en dat het de ruimte mooier maakt.

We betrekken onze klanten graag bij hun project door hen een kijkje te laten nemen in de werkplaats. Als zij zien dat hun ramen of deuren met liefde en aandacht worden gemaakt, geeft dat extra veel voldoening.

Waar ik mijn inspiratie vandaan haal?

In mijn hoofd wemelt het altijd van de ideëen. Ook al word ik gezien als het creatieve brein van de organisatie, ik hecht waarde aan de mening van het team. Regelmatig brainstorm ik met betrokken werknemers die suggesties of praktijkoplossingen aandragen. Hebben we er een goed gevoel bij, toetsen we of de concepten haalbaar zijn.

Voor inspiratie bezoek ik graag oude gebouwen die een herbestemming hebben gekregen. Ik vind het fantastisch als modern en oud worden gecombineerd. Vaak mag alles worden gezien: een oud stuk balk of de oorspronkelijke constructie, maar ook de nieuwe materialen waarmee gewerkt is.

Een mooi voorbeeld is Den Helder. Als je daar door de oude marinewerf loopt, zie je dat een paar gebouwen zijn getransformeerd tot een schouwburg. Ik ben naar binnen gelopen en heb echt genoten van de manier waarop de panden aangepast zijn aan de nieuwe functie, zonder de oorspronkelijke elementen uit het oog te verliezen.

In het buitenland ga ik graag op zoek naar voormalige fabriekshallen. Daar let ik vooral op de details. Zo viel me op dat in de New Yorkse wijk Brooklyn het staalwerk in oude industriële gebouwen vaak een mooie matzwarte afwerking heeft. Eenmaal terug heb ik net zo lang verschillende RAL-kleuren gemengd tot ik die specifieke tint kreeg. De kleur heb ik tot Brooklyn Black gedoopt; we gebruiken het zeer regelmatig voor onze stalen deuren en ramen. Zo krijgen ze een mooie authentieke, industriële uitstraling.

Het staalwerk kan in onze spuiterij in elke gewenste kleur worden gespoten, al gebeurt dat niet vaak. Ook is er keuze uit allerlei soorten glas. Zo krijgt elk item een geheel eigen look. Niets wat wij hier vervaardigen is standaard en dat houdt mijn werk dynamisch.

Leo’s favoriete adressen:

  • De Vooruitgang, Markt 11 in Eindhoven. “Je kijkt je ogen uit in dit restaurant met hip publiek, midden in de stad. Bijzonder is de industriële uitstraling van het interieur.
  • Wilhelminastraat in Breda. “Hier vind je allerlei mooie mode- en interieurwinkels. Bijvoorbeeld Artu Napoli, een prachtige herenkledingzaak.
  • Fenix Food Factory, Veerlaan 19d in Rotterdam. “Ik loop graag rond in buurten in ontwikkeling, zoals het Rotterdamse Katendrecht. Daar ontdekte ik deze ambachtelijke foodhall waar alles vers wordt gemaakt. Er zijn allerlei pop-up-achtige zaakjes”.
  • More Itz, Nieuw Jachthaven 50 in Drimmelen. ‘Dit restaurant heeft de uitstraling van een moderne après-ski hut, maar dan in een Brabantse jachthaven! Het terras aan het water is een heerlijk plekje.